filet americain
/fiˌleameriˈkɛ̃/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (kookkunst) gekruide, smeuïg gemaakte rauwe gehaktZe was op weg naar de supermarkt, even verderop, voor een onsje filet americain en wat kattenbrokjes.
Etymologie
*van Belgisch "filet américain", benaming die de uitvinder, de Belgische kok Joseph Niels, in 1926 gaf aan zijn variant van wat internationaal in het "steak tartare" heet, omdat Amerika in de tot de verbeelding van het uitgaanspubliek sprak
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek