financier
mannelijk (de)/ˌfinɑnˈsir/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (persoon) iemand die geld ter beschikking stelt voor bepaalde activiteitenDe staat is meestal de financier van grote infrastructurele projecten zoals de bouw van bruggen en kanalen.
- (beroep) iemand die verstand heeft van het beheersen van geldmiddelen en dat ook als beroep heeftHij werkt als financier bij een financieringsmaatschappij.
Etymologie
*van """
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek