foedraal

onzijdig (het)/fuˈdral/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. passend gemaakte doos, overtrek of hoes
    Hij was gekleed in een soort militaire overjas en droeg zijn geweer in een soepel foedraal over zijn ene schouder.

Etymologie

* van "Futteral", in de betekenis van ‘koker’ voor het eerst aangetroffen in 1847

Vertalingen

Engelscase, cover, sheath
Fransétui, gaine, fourreau
Spaanscaja, estuche