fosforescentie

vrouwelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. natuurkunde, scheikunde (natuurkunde), (scheikunde) het vrij langdurig afgeven van licht nadat een systeem vanuit een geëxciteerde toestand in een andere, stabielere, geëxciteerde toestand geconverteerd is
    Bij fosforescentie is er vaak sprake van, in principe verboden, verval uit een triplettoestand.

Etymologie

* van fosforesceren

Vertalingen

Engelsphosphorescence
Fransphosphorescence
DuitsPhosphoreszenz
Spaansfosforescencia