fret
/frɛt/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (roofdieren) bepaald soort klein marterachtig zoogdier,
zelfstandig naamwoord
- (gereedschap) dunne boor met schroefdraad
zelfstandig naamwoord
- (muziek) metalen richel op de hals van een snaarinstrument (gitaar) waarop de snaar wordt afgeknepen
Etymologie
*[C] van "fret"
Vertalingen
Engelsferret, fret
Fransfuret, frette
DuitsFrettchen, Bund
Spaanshurón
Italiaansfuretto
Poolsfretka
Zweedstamiller
Deensfritte
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek