fulltimer

mannelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. iemand die een volledige baan heeft van gemiddeld 32-uur of meer per week
    Stel op ieder kindercentrum een ervaren en pedagogisch geschoold (hbo/+) locatiehoofd aan; een fulltimer die dagelijks in alle groepen komt. Volkskrant 21 december 2010,
  2. iemand die een voltijdsstudie doet

Etymologie

* afgeleid van full time