future
vrouwelijk (de)/ˈfjuːtʃər/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (effectenhandel) contract op basis van de waarde die bepaalde goederen, effecten of valuta op een bepaald moment in de toekomst zullen hebbenMet een future speculeer je op het toekomstige koersverloop van een onderliggende waarde: dat kan bijvoorbeeld een aandeel zijn, een grondstof of een valuta.
- (verouderd) toekomstige echtgenoteKom, zegt hij, we gaan naar mijn ‘future’!
Etymologie
*[2] van "future"
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek