Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

gaan voor

/ˈɣaɱvor/

Betekenis

werkwoord
  1. streven naar
    Het Rotterdamse stadsbestuur heeft zich uitgesproken voor de aanleg van een brug met een tramverbinding tussen De Esch (noordoever) en De Veranda (Zuid). En om niet langer te gaan voor een tunnel met een metroverbinding.
  2. de voorkeur geven aan
    Wat te doen met woorden voor beroepen eindigend op -man, nu het na meerdere emancipatiegolven en een #MeToo-revolutie glashelder is dat daar net zo goed een vrouw achter schuil kan gaan? Wat moeten we met alle vuilnismannen, politiemannen en topmannen die dagelijks de revue passeren? Politievrouw lijkt een logisch alternatief, maar voelt vreemd als er niet naar een specifiek persoon verwezen wordt. Zullen we dan maar gaan voor politiepersoon?
  3. (Belgisch-Nederlands) de opleiding volgen tot

Etymologie

*[A] (coll), leenvertaling van "go for"