gangreen
onzijdig (het)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (medisch) de afsterving en ontbinding van een levend organismeHet vochtige gangreen had een rottingsstank.
Etymologie
* Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘koudvuur’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1595
Vertalingen
Engelsgangrene
Fransgangrène
DuitsGangrän
Spaansgangrena
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek