Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
garfhoop
mannelijk (de)/ɣɑrfhop/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (landbouw), (verouderd) een hoop vers afgesneden (rogge)halmen die klaarliggen om gebundeld te wordenDe pikke in d'eene, den haak in de andere hand, gaan de slagen regelmatig; de halmen tegen den wortel afgesneden, reuzelen over malkaar, worden met den haak opgevangen, in garfhoop achteruitgetrokken, waar ze in reek gereed liggen om gebonden te worden.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek