gaskamer

mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈɣɑskamər/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een executieruimte waarin met behulp van een giftig gas (meestal blauwzuur) mensen (of dieren) om het leven gebracht worden
    De gaskamers zijn berucht geworden door de Tweede Wereldoorlog.