Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

gaskous

mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈɣaskɑus/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. techniek (techniek) lichtbron in een gaslamp, gemaakt uit een geprepareerd weefsel dat bij verhitting helder oplicht
    Bij de eerste keer verbranden verkrijgt het gaskousje min of meer een bolvorm.

Etymologie

* omdat de vorm aan een kous doet denken, of een terugvorming uit "gaskousje"

Vertalingen

Engelsgas mantle
Fransmanchon à incandescence
DuitsGasstrumpf