gastenhuis

onzijdig (het)

Wat is de betekenis van gastenhuis?

gastenhuis betekent: gebouw waar de gasten kunnen verblijven; gebouw waar gasten kunnen worden ontvangen

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. gebouw waar de gasten kunnen verblijven; gebouw waar gasten kunnen worden ontvangen

Voorbeelden van "gastenhuis" in een zin

  • Alle slaapalkoven in de grote zaal waren voor gasten en bedienden. Het gastpaar Lauritz en Ingeborg verbleef vermoedelijk in het gastenhuisje.

Veelgestelde vragen over gastenhuis

Wat is de betekenis van gastenhuis?

gastenhuis betekent: gebouw waar de gasten kunnen verblijven; gebouw waar gasten kunnen worden ontvangen

Welk woordgeslacht heeft gastenhuis?

gastenhuis is een onzijdig (het).

Wat zijn synoniemen van gastenhuis?

Synoniemen van gastenhuis zijn: gastenverblijf.

Hoe gebruik je gastenhuis in een zin?

Voorbeeld: “Alle slaapalkoven in de grote zaal waren voor gasten en bedienden. Het gastpaar Lauritz en Ingeborg verbleef vermoedelijk in het gastenhuisje.