gazel
mannelijk/vrouwelijk (de)/ɣaˈzɛl/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (evenhoevigen) een ranke antilope uit de familieDe gazellen maakten grote sprongen op het veld.
Etymologie
* van het Arabische woord ghâzal, dat verwijst naar de bevalligheid van het dier
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek