gegoed

ɣəˈɣut

Wat is de betekenis van gegoed?

gegoed betekent: voorzien zijn van ruime financiële en andere middelen

Betekenis

bijvoeglijk naamwoord
  1. voorzien zijn van ruime financiële en andere middelen

Voorbeelden van "gegoed" in een zin

  • De gegoede man kon rustig rentenieren.

Etymologie

oorspronkelijk een vervoeging van goeden: de stam met omvoegsel ge- -d, zonder -d omdat de stam al op -d eindigt, maar na het in onbruik raken van dit werkwoord opgevat als pseudodeelwoord afgeleid van goed zn met het omvoegsel ge- -d; in de betekenis van ‘welgesteld’ voor het eerst aangetroffen in

Vertalingen

Engelsin easy circumstances, well-to-do
Spaansacaudalado, acomodado, adinerado