geknik

onzijdig (het)/ɣəˈknɪk/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. het voortdurend met het hoofdknikken als teken van toestemming of herkenning
    Inmiddels komen ook schalen met hamburgers rond. Ik zie drie meisjes die er heel erg uitzien als modellen en eentje eet een hamburger. Ik stel me voor en zeg: "Laat me raden, jullie zijn vast modellen?" Driedubbel geknik. Het Parool HANS VAN DER BEEK 10 MAART 2017 [https://www.parool.nl/stadsgids/duivels-dilemma-patat-met-mayo-of-lara-stone~a4472665/ Duivels dilemma: patat met mayo of Lara Stone?]
    Een instemmend gebrom en geknik klonk alom. Zo eenvoudig was het om de ergernis weg te nemen bij de wachtenden. Ze zijn er nog wel, vriendelijke medewerkers. De Telegraaf 23 sep. 2017 [https://www.telegraaf.nl/nieuws/1366517/dit-vind-ik-leuk DIT VIND IK LEUK]
    Vorige week beslisten de hoge heren van de koningsklasse in de autosport - in Amerika is dat Liberty Media - dat het gedaan is met het bevallige geheupwieg van de meisjes met hun opgestoken bordjes. ‘Niet meer relevant, niet meer van deze tijd’’, klonk het. Gezien de #metoo-discussie was de verwachting dat de beslissing met instemmend geknik zou worden begroet. Tenslotte staat ook binnen de darts- en bokswereld het randgebeuren met vrouwen ter discussie. Tubantia David van der Heeden 06-02-18 [https://www.tubantia.nl/sport/onbegrip-bij-gridgirls-je-zet-een-danseres-ook-niet-in-een-jutezak~a35fe556/ Onbegrip bij gridgirls: 'Je zet een danseres ook niet in een jutezak!']

Etymologie

* afleiding van knikken