gemanoeuvreer
onzijdig (het)/ɣəˌmanuˈvrer/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- voortdurend onhandig handelenHaar opwinding was waarschijnlijk al gewekt tijdens het gemanoeuvreer met het gescheurde slipje.
- voortdurend onhandig draaien en kerenNeem de begrafenissen; dat was zonder middengang eigenlijk geen doen. Dat gemanoeuvreer met de baar door de zijgang, verschrikkelijk.
Etymologie
* van manoeuvreren
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek