gematigd

/ɣəˈmatəxt/

Betekenis

werkwoord
  1. matig, niet tot uitersten vervallend
    De woningstichting heeft altijd een gematigd huurbeleid gevoerd.
    De warme Golfstroom zorgt hier voor een gematigd klimaat.
    In 1994 werden in een periode van 100 dagen honderdduizenden Tutsi's en gematigde Hutu's door extremistische Hutu-milities vermoord.

Etymologie

* In de betekenis van ‘niet overdreven’ voor het eerst aangetroffen in 1401

Vertalingen

Engelsmoderate, reasonable
Duitsgemäßigt, maßvoll
Spaanscomedido, moderado, módico