genaak

Wat is de betekenis van genaak?

genaak betekent: eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van genaken

Betekenis

werkwoord
  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van genaken
  2. gebiedende wijs van genaken
  3. tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van genaken

Voorbeelden van "genaak" in een zin

  • Ik genaak.
  • Genaak!
  • Genaak je?