geneesbaar
Wat is de betekenis van geneesbaar?
geneesbaar betekent: te genezen, zodat de patiënt de ziekte niet meer heeft
Betekenis
bijvoeglijk naamwoord
- te genezen, zodat de patiënt de ziekte niet meer heeft
Voorbeelden van "geneesbaar" in een zin
- Uit gesprekken met Van den B. leerde ik dat hij wellicht niet geneesbaar, wel behandelbaar is.
Etymologie
Naamwoord van handeling van genezen met het achtervoegsel -baar
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek