geschrijf
onzijdig (het)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- het voortdurend schrijven, vaak in een wat minachtende betekenis gebruiktVan Vollenhoven, momenteel geveld door een dubbele longontsteking, schreef het boek op verzoek van Uitgeverij Balans. Hij twijfelde aanvankelijk, maar is gezwicht door de zinsnede uit het verzoek „Televisie verwaait, een boek blijft.” Van zijn vrouw prinses Margriet had het geschrijf niet gehoeven. Tegen haar man zei ze: „Geniet toch van het leven en schrijf die uitgever: heel veel dank voor uw spontaan verzoek, maar helaas kan ik daaraan geen gevolg geven.” De Telegraaf 23 nov. 2012 [https://www.telegraaf.nl/nieuws/1177154/inspecties-moeten-strenger-zijn 'Inspecties moeten strenger zijn']Ik stuur hem een kaartje, hij stuurt een kaartje terug (dit was nog ver voor de internet-email-sms-whatsapp-tijd) en na wat heen en weer geschrijf spreken we af. De Telegraaf 20 jul. 2013 [https://www.telegraaf.nl/nieuws/1085057/september-1989 September 1989]
Etymologie
* van schrijven
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek