geseling

mannelijk (de)/ˈɣesəˌlɪŋ/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. de zwaarste niet-verminkende lijfstraf

Etymologie

*Afgeleid van gesel .

Uitdrukkingen

  • Een kermis is een geseling waard.voor een pleziertje moet je iets (onaangenaams) overhebben