gesp

mannelijk/vrouwelijk (de)/ɣɛsp/

Wat is de betekenis van gesp?

gesp betekent: beugel met tong of pin om twee uiteindes van één of twee riemen of linten aan elkaar te fixeren

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. beugel met tong of pin om twee uiteindes van één of twee riemen of linten aan elkaar te fixeren

Voorbeelden van "gesp" in een zin

  • Sinterklaas maakte de gesp van zijn mooie rode mantel los en legde die voorzichtig om de schouders van de heks.

Etymologie

* (erfwoord): Middelnederlands gespe, gaspe, met metathese uit Oergermaans *gapsō ~ gipsō; verwant aan Engels gasp ‘snakken, hijgen’, Zweeds gäspa ‘gapen’.

Vertalingen

Engelsbuckle
Fransboucle
DuitsSchnalle
Spaanshebilla
Italiaansfibbia
Portugeesfivela
Russischпряжка
Koreaans솔기, 버클
Poolssprzączka, klamra