gestoord
/χəˈstɔːrt/
Wat is de betekenis van gestoord?
gestoord betekent: geen normale functionering van iets (vaak de geest) hebbend
Betekenis
bijvoeglijk naamwoord
- geen normale functionering van iets (vaak de geest) hebbend
werkwoord
- voltooid deelwoord van storen
Voorbeelden van "gestoord" in een zin
- De ernstig gestoorde dader kreeg een tbs-straf opgelegd.
Etymologie
In de betekenis van ‘gek’ voor het eerst aangetroffen in 1976
Vertalingen
Duitsgestört
Engelsdisturbed
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek