Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

gestreepte buidelmuis

mannelijk/vrouwelijk (de)/plaatshouder taxonomie/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. buideldieren (buideldieren) zoogdier uit het geslacht van roofbuideldieren dat voorkomt in de bergen van Nieuw-Guinea, op 1050 tot 3200 m hoogte. Dit geslacht is verwant aan ; samen vormen deze twee geslachten weer een clade met de groep van de buidelmarters en de Tasmaanse duivel. Het zijn middelgrote roofbuideldieren met een lange snuit, kleine ogen en een lange vacht. Er is een rugstreep aanwezig

Etymologie

*(coll)