getallenreeks

mannelijk/vrouwelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een rij getallen
    Hij pakt het boekje en het potlood van het tafeltje, tuurt naar de getallenreeksen en begint in hoog tempo de lege vakjes in te vullen.
    Om precies negen minuten over negen is er vanochtend sprake van een fraaie getallenreeks: 09.09 uur, op 09.09.09. We vragen lezers van onze krant om dat tijdstip vast te leggen.