gewijs

onzijdig (het)/ɣəˈwɛis/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. herhaaldelijk met vinger of arm een bepaalde richting aanduiden
    Door het geroep en gewijs kwamen steeds meer omstanders af op de noodsituatie waarna langzaam een menselijke ketting werd gevormd vanaf het strand naar het gezin.
  2. juridisch (juridisch) bindende uitspraak van een rechter
    {{ouds

Etymologie

*, van Middelnederlands """, van "wijzen"