Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
gewone schelpjesmolenaar
mannelijk (de)/plaatshouder taxonomie/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (steeltjeszwammen) een schimmel behorend tot de familie . De soort leeft saprotroof en groeit in kleine groepjes op humus, grof strooisel, bladeren, takjes en stengels. Hij komt voor in loof- en naaldbossen, struikgewas en graslanden, op uiteenlopende soorten bodems. De hoed is zeer dun, 2–15 mm in diameter, aanvankelijk min of meer rond, later niervormig of boonvormig en vaak gelobd
Etymologie
* (coll)
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek