gezond
/xə.ˈzɔnt/
Wat is de betekenis van gezond?
gezond betekent: vrij van ziektes en zeertes
Betekenis
bijvoeglijk naamwoord
- vrij van ziektes en zeertes
- bevorderlijk voor een goede conditie
werkwoord
- voltooid deelwoord van zonnen
Voorbeelden van "gezond" in een zin
- Hij is nog goed gezond voor zijn leeftijd.
- Zo geeft het Tacuinum Sanitatis, een middeleeuwse gids tot gezond leven die in verschillende rijkgeïllustreerde kopieën is overgeleverd, ook nadrukkelijk aandacht aan de jacht.
- Lichaamsoefening is gezond voor een mens.
Etymologie
In de betekenis van ‘niet ziek’ voor het eerst aangetroffen in 901
Vertalingen
afgesond
Duitsgesund
Engelshealthy
fiterve
Franssain
huegészséges
Spaanssano
Zweedsfrisk, sund
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek