gezwollenheid

vrouwelijk (de)

Wat is de betekenis van gezwollenheid?

gezwollenheid betekent: het opgezet, opgeblazen zijn

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. het opgezet, opgeblazen zijn
  2. het al te bombastisch zijn

Voorbeelden van "gezwollenheid" in een zin

  • Zo had ze, nu haar eigen luik was afgesloten, het huis proberen binnen te komen, geen rekening houdend met haar diabetische gezwollenheid.
  • Intiem, fijnzinnig of gezellig; het blijven betekenisloze begrippen in het vocabulaire van het Britse Editors. Ook het zesde album van de synthesizerrockgroep is duister, rauw en bij vlagen overdonderend. Violence is het meest elektronische Editors-album tot nog toe, maar die geleidelijke transformatie past prima bij de permanente gezwollenheid van de groep.

Etymologie

*afleiding van gezwollen