giebel
mannelijk (de)/ˈɣibəl/
Wat is de betekenis van giebel?
giebel betekent: (straalvinnigen) bronskleurige zoetwatervis, , uit de familie van de eigenlijke karpers () die lijkt op de kroeskarper
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (straalvinnigen) bronskleurige zoetwatervis, , uit de familie van de eigenlijke karpers () die lijkt op de kroeskarper
- proestend gelach
- iemand, meestal een tiener, die de gewoonte heeft om de haverklap in proestend gelach uit te barsten
Voorbeelden van "giebel" in een zin
- In die winkel worden giebels verkocht.
- De leraar zette uiteindelijk de twee giebels maar op andere plaatsen in de klas, want naast elkaar vormden ze een storend element.
Etymologie
*[2] van "giebelen"
Vertalingen
Engelscrucian carp
Fransgibèle
DuitsGewöhnliche Karausche
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek