gig

mannelijk/vrouwelijk (de)/gɪg/

Wat is de betekenis van gig?

gig betekent: lange, smalle roeiboot, waarin de roeiers alleen achter elkaar en niet naast elkaar zitten

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. lange, smalle roeiboot, waarin de roeiers alleen achter elkaar en niet naast elkaar zitten
  2. historisch (historisch) kleine open wagen met twee wielen getrokken door één paard
  3. optreden van jazz- of popmuzikanten
  4. gigabyte
  5. gigabit per seconde

Voorbeelden van "gig" in een zin

  • De roeiers zitten in een gig alleen op hun eigen bank (...)
  • Op onze geheele reis hebben wij geen enkel vaartuig ontmoet, dat ons kon volgen, uitgezonderd de Gig (eene ligte roeischuit) van het [f]regat Curaçao, (...)
  • Daar kwam een gig aanrijden.
  • Op 6 mei 1964 had Joe een gig gehad in de nachtclub Mardi Gras.
  • Houd dus 1,9 gig vrij op je harde schijf om volledig van de game te kunnen genieten.

Etymologie

*[5] (verkorting) van gigabit per seconde