Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

giga

mannelijk (de)/ˈɣiɣa/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. 109 byte = 1.000.000.000 byte
  2. 10243 byte = 1.073.741.824 byte
  3. heel groot (voor een zelfstandig naamwoord)
    Alles is maatje extra large. Dat begint al op het giga parkeerterrein waar heel veel motorische paardenkrachten door vriendelijke verkeersregelaars naar een parkeerplek worden geloodst.
  4. in hoge mate (voor een bijvoeglijk naamwoord of bijwoord)
    En giga druk was het zeker. Ondanks mijn poging om er op tijd te zijn, stond ik rond vijf uur vrijwel helemaal achteraan in een gigantische mensenmassa.

Etymologie

**: (figuurlijk) gebruik van het voorvoegsel als bijvoeglijk naamwoord