Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

gijzelaren

meervoud/ΛˆΙ£Ι›izΙ™ΛŒlarΙ™n/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. verouderd (verouderd) gijzelaars, minder gebruikelijk en verouderd meervoud van gijzelaar
    Men werd het spoedig eens over de bedingen van den vrede, en gaf elkander wederkeerig gijzelaren.