Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
gloriedag
mannelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- periode met veel roemOwen en ik verlieten stilletjes de lange tafels en feestelijkheden terwijl de traditionele Miss Norway of Greater New York-verkiezing van start ging, maar het ontging ons niet dat het aantal deelnemers sinds de gloriedagen in de jaren vijftig drastisch gedaald moest zijn.
- de dag dat men een overwinning behaaltNiemand kan er omheen: Losser beleefde een gloriedag. Voor in het dorp al stond het vol met autoβs van bezoekers. En op het plein voor het gemeentehuis omzoomden duizenden belangstellenden de recordpoging om met de langste salade - in de meanderende vorm van de rivier De Dinkel - in het Guinness Book of Records te komen.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek