Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

gloriedag

mannelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. periode met veel roem
    Owen en ik verlieten stilletjes de lange tafels en feestelijkheden terwijl de traditionele Miss Norway of Greater New York-verkiezing van start ging, maar het ontging ons niet dat het aantal deelnemers sinds de gloriedagen in de jaren vijftig drastisch gedaald moest zijn.
  2. de dag dat men een overwinning behaalt
    Niemand kan er omheen: Losser beleefde een gloriedag. Voor in het dorp al stond het vol met auto’s van bezoekers. En op het plein voor het gemeentehuis omzoomden duizenden belangstellenden de recordpoging om met de langste salade - in de meanderende vorm van de rivier De Dinkel - in het Guinness Book of Records te komen.