godshuis
onzijdig (het)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (religie) gebouw waarin godsdienstoefeningen plaatsvindenMaar wij hebben steeds meer energie gestoken in het rationeel doorgronden van natuurlijke gebeurtenissen: er zijn geen voortekenen of openbaringen meer, geen vloeken of profetieën; onze toekomst zal niet in godshuizen maar in laboratoria worden ontsluierd.
Vertalingen
Engelstemple
Spaansiglesia, templo
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek