Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
golok
mannelijk (de)/ɡolɔk/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (gereedschap) groot kapmesZondagmiddag omstreeks 15.30 uur was de tuinman van mevr. P. te Kebajoran de verwelkte bladeren van de pisangboom, in de tuin met een golok aan het bijsnijden.
- (militair) kleine sabelDe Atjehers waren sluwe tegenstanders, die graag met klewang en golok toesloegen.
Etymologie
*van "golok"
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek