gompapier
onzijdig (het)/ˈɣɔmpɑˌpir/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- papier ingewreven met gom zodat het na bevochtigen ergens aan kan vastplakken't Gompapier kon je bijna altijd voor niets aan 't postkantoor krijgen; daar lagen zomaar hele stroken die langs de vellen postzegels hadden gezeten, soms op de grond, soms op de lessenaars, en je mocht ze gewoon meenemen.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek