Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
grauwe monnik
mannelijk (de)/plaatshouder taxonomie/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (vlinders) een nachtvlinder uit de familie van de nachtuiltjes met een spanwijdte van 52 tot 59 millimeter. De grauwe monnik overwintert als pop in de grond
Etymologie
*(coll)
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek