grieppandemie

vrouwelijk (de)/'ɣripɑndəmi/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. medisch (medisch) wereldwijde uitbraak van een nieuw influenzavirus waarvoor de meeste mensen geen immuniteit hebben
    Als we te maken krijgen met een grieppandemie die even ernstig is als die in 1918, de Spaanse griep, zal dat de wereld volgens berekeningen van de Wereldbank het onvoorstelbare bedrag van 3 triljoen dollar kosten.
    De Mexicaanse grieppandemie Half april 2009 meldden de CDC, het Amerikaanse centrum voor ziektebestrijding, dat bij twee kinderen uit Californië een nieuw type griepvirus was gevonden.