grieventrommel

mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈɣrivə(n)ˌtrɔməl/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. geheel van eisen, klachten of bezwaren
    Ontnuchtering van de idealistische flaminganten; een grieventrommel die, altijd ostentatief leeggeschud, steeds even vol blijft: iets anders vernamen we nergens.

Etymologie

*, oorspronkelijk in de betekenis "slaginstrument", maar vermengd geraakt met de betekenis "bus"