Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

groene suikervogel

mannelijk (de)/plaatshouder taxonomie/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. zangvogels (zangvogels) een zangvogel uit de familie (tangara's). Het verenkleed van het mannetje is blauwgroen met een zwart masker, het vrouwtje is grasgroen met een wat lichter gekleurde keel. Beide geslachten hebben een gele snavel en een rode iris. De lichaamslengte bedraagt 14 cm

Etymologie

*(coll)