Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
groenrugastrild
/plaatshouder taxonomie/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (zangvogels) een zangvogel uit de familie (prachtvinken). Deze soort komt voor van zuidwestelijk Zimbabwe tot uiterst zuidelijk Mozambique en noordelijk Zuid-Afrika
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek