groentekweker
mannelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- iemand die groentes verbouwtAlbert Hoedjes, groentekweker in Anna Paulowna, kan erover mee praten. "Bij mij staan er drie windmolens, een op 320 meter afstand van m'n huis, een op 380 en een op 550 meter. Ze maken altijd geluid, al wisselt het erg, afhankelijk van de windrichting. Het leidt geregeld tot slapeloosheid in mijn gezin."'Je kijkt bijvoorbeeld of je een ander product kan gaan telen. Je probeert wegen te zoeken. Je bent toch een ondernemer', zegt groentekweker Leon Duijvestijn uit 's Gravenzande. Hij oogstte vanwege de boycot afgelopen week maar zo'n 20.000 kroppen krulandijvie, tegen 40.000 in een normale week.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek