Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

groepreis

mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈɣruprɛis/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. tocht georganiseerd om samen met andere mensen uit andere gezinnen te maken
    Met de rest van de familie, moeder en nog een dochter, zijn ze mee met een groepreis van drie weken door Europa.