grootmoedigheid

vrouwelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. op een krachtige manier heel gul zijn
    Van de ene op de andere dag besloot Merkel vluchtelingen uit Hongarije op te gaan halen en Syriërs kregen vrij toegang tot het land. Inmiddels zijn ruim een miljoen vluchtelingen Duitsland binnengekomen. Haar grootmoedigheid is anders dan velen van haar gewend zijn.
  2. iets wat getuigt van grote gulheid

Etymologie

* afleiding van grootmoedig

Vertalingen

Engelsmagnanimity, generosity