Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
grootoorboomrat
mannelijk/vrouwelijk (de)/plaatshouder taxonomie/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (knaagdieren) een zoogdier uit de familie van de Cricetidae. De wetenschappelijke naam van de soort werd voor het eerst geldig gepubliceerd door Merriam in 1901
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek