grot
mannelijk/vrouwelijk (de)/ɣrɔt/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- een onderaardse holteEr zijn oerschilderingen gevonden in de grot van Lascaux.
Etymologie
* Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘onderaardse ruimte’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1600
Vertalingen
Engelscave, cavern
Spaanscaverna, cueva, gruta
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek