gruwelen

/ˈɣrywələ(n)/

Betekenis

werkwoord
  1. intr (intr) een gevoel van afgrijzen ondergaan, gruwen
    Wij gruwelen bij de gedachte dat er mensen onder ons zijn die tot extreem geweld in staat zijn en hier ook nog van lijken te genieten.
  2. ov, verouderd (ov) (verouderd) doen huiveren
    Alle Goden, die trotsche woede gruwelt mij.

Etymologie

* (freqtt) "gruwen"