woorden
boek
Start
›
G
›
gum
gum
onzijdig (het)
/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
een object waarmee potloodtekeningen weer weggehaald kunnen worden
Met de gum kon hij die foutieve lijn uitwissen.
Synoniemen
vlakgom
vlakgum
stuf
Vertalingen
Frans
gomme
Spaans
goma
Bron:
OpenTaal
&
WikiWoordenboek
← gulzigste
Gumbinnen →